- Details
Het begon met het thema werkdruk, maar als scholengemeenschap Vonk aanklopt bij PreventPartner, blijkt al snel dat de ambitie verder reikt. Vonk – een grote organisatie met 12 onderwijslocaties voor vmbo en mbo in Noord-Holland – wil een compleet arbobeleidsplan, met daarin alle 15 thema's uit de arbocatalogus voor het MBO.
De aanleiding is een breder onderzoek van de Arbeidsinspectie naar werkdruk in het MBO-onderwijs, waaruit blijkt dat hier ook bij Vonk extra aandacht voor nodig is. Maar de organisatie grijpt het moment aan om verder te gaan. Marcel Balm, adviseur arbeid & gezondheid en specialist gedrags- en cultuurverandering bij PreventPartner, pakt de handschoen op. Hij trekt waar nodig andere experts aan.
Werkdruk: van signalen naar inzicht
Samen met de opdrachtgever stelt Marcel een multidisciplinair team samen vanuit Vonk, met vertegenwoordigers uit facilitair, HR, OR en de centrale preventiemedewerker. Voor het thema werkdruk sluit arbeids- en organisatiedeskundige Edo Houwing aan. Er waren al interne notities over werkdruk en er werd jaarlijks een medewerkerstevredenheidsonderzoek (MTO) uitgevoerd. Maar Edo constateert al snel dat er iets ontbreekt: "Er waren wel aanzetten gegeven, maar een systematische inventarisatie miste. Het MTO bevatte te weinig vragen voor echt inzicht. Speelt werkdruk meer op bepaalde locaties? Bij bepaalde leeftijdsgroepen? Die inzichten zijn essentieel voor een effectieve aanpak." Het resultaat: een concreet plan met gerichte aanbevelingen.
15 thema’s
In nauwe samenwerking met het team van Vonk, en waar nodig in overleg met collega’s van PreventPartner, werkt Marcel de verschillende thema’s verder uit. Wat is er nodig om met ieder thema aan de slag te gaan? Hoe wordt er gezorgd voor de benodigde inzichten (risico-inventarisatie en -evaluatie)? Het arbobeleidsplan omvat bovendien een basis voor de beschrijving van de taken, bevoegdheden en verantwoordelijkheden binnen de organisatie.
OR als constructieve partner
Een gedragen Arbobeleidsplan vraagt om betrokkenheid vanuit de hele organisatie, en dus ook voor de OR, die instemmingsrecht heeft. De OR heeft daarbij een controlerende functie. Toch wordt een OR nog weleens gezien als een lastige luis in de pels. Marcel trainde de OR om een constructieve rol in te nemen: van beleidsontwikkeling tot implementatie.
In subgroepjes werkten OR-leden aan concrete aandachtspunten: een authentiek verhaal over de rol van de OR, het opvolgen van toezeggingen en effectief gedrag in gesprekken met het college van bestuur.
Ook aan de slag?
Wil je voor jouw organisatie een arbobeleidsplan opstellen, of zoek je ondersteuning bij de rol van de OR? De experts van PreventPartner helpen je verder. Neem contact met ons op.
- Details
In december 2025 publiceerde de Europese Commissie de nieuwe “Guidelines for managing asbestos related health and safety risks at work”. PreventPartner werkte mee in een Europese werkgroep om dit uitgebreide richtsnoer samen te stellen. Het geeft een overzicht van goede praktijken voor het omgaan met asbest op de werkplek en praktisch advies om blootstelling van werknemers te verminderen.
Al sinds de jaren’70-’80 is bekend dat asbest onder andere kanker kan veroorzaken en begin jaren’90 werd het gebruik verboden. Het materiaal is echter in grote hoeveelheden en in ontzettend veel toepassingen gebruikt, waardoor we er nog lange tijd mee geconfronteerd zullen worden. Naar schatting worden tussen de 4,1 en 7,3 miljoen werknemers in de EU blootgesteld aan asbest en overlijden jaarlijks meer dan 90.000 mensen aan de gevolgen ervan. Inzicht in de risico’s is essentieel om de juiste maatregelen te nemen en blootstelling te voorkomen.
Europese werkgroep
Peter van Balen, Nettie van der Meer en Ellen Wissink waren als specialisten van PreventPartner bij dit project betrokken. Peter vertelt hoe de werkgroep te werk ging. “Het doel was om kennis en goede praktijken uit de verschillende EU-lidstaten te bundelen. We zijn gestart met uitgebreid literatuuronderzoek en een analyse van bestaande richtlijnen. Die kennis werd vervolgens concreet gemaakt in conceptteksten en aangevuld met informatie uit landen buiten de EU die over technische oplossingen beschikken die mogelijk ook binnen de EU toepasbaar zijn. De conceptteksten zijn in workshops besproken en aangescherpt.”
Toepassing guideline in de praktijk
Om de toepasbaarheid van de guideline te toetsen, gingen de werkgroepleden langs bij bedrijven in verschillende landen, waaronder asbestverwerkers en asbestsaneerders. Peter en zijn collega’s bezochten onder andere een kolencentrale in Duitsland die wordt gesloopt. “Er was bekend dat er grote asbestplaten aanwezig waren die gesaneerd moesten worden, maar er lagen ook kilometerslange pijpen waar in het verleden heet water doorheen liep. Die pijpen zelf waren niet het probleem, maar er zaten kleine asbestplaatjes waarmee ze bevestigd waren. Zo'n plaatje lijkt op het eerste gezicht eenvoudig, maar er zaten er 10 tot 20 per meter. Vermenigvuldig dat over kilometers, en je hebt het al snel over een enorme hoeveelheid asbest die op een verantwoorde manier gesaneerd moet worden. Dat brengt serieuze uitdagingen met zich mee.”
Passieve blootstelling
In de richtlijn is er specifieke aandacht voor passieve blootstelling in gebouwen met asbesthoudend materiaal dat aan het verpulveren is. Hierbij kunnen ook werknemers die niet rechtstreeks met asbest werken worden blootgesteld aan de asbestdeeltjes. In de richtlijn worden maatregelen uitgewerkt voor sanering. Daarnaast is er specifieke aandacht voor gezondheidsbewaking bij mensen waarvan bekend is, of er een groot vermoeden bestaat, dat ze aan asbest zijn blootgesteld. Erkenning van mogelijke blootstelling is daarvoor essentieel. Bij bepaalde ziekten, zoals longkanker door asbest, kan snelle diagnose de overlevingskansen aanzienlijk vergroten.
De richtlijn geeft concrete handvatten voor de risico-inventarisatie en beheersmaatregelen, ondersteund door duidelijke voorbeelden uit de praktijk.
Naar de richtlijn voor het omgaan met asbestgerelateerde gezondheids- en veiligheidsrisico’s op het werk (Engels)
Inzicht in mogelijke risico’s?
De specialisten van PreventPartner kunnen u onder andere helpen bij het inventariseren van mogelijke risico’s op blootstelling aan asbest. Neem daarvoor contact met ons op.
- Details
Wat staat er op het spel?
Een presentatie met een overzicht van risico’s en maatregelen, in hoeverre beklijft dat? Jolanda Willems, arbeidshygiënist bij PreventPartner, doet het anders. Ze zet al jaren spelvormen in om kennis echt te laten landen. En met succes - van studenten tot medisch specialisten, en zelfs bij werknemers die zeggen “ik hou niet van spelletjes”.
Andere, interactieve werkvormen dan alleen maar luisteren zorgen voor beter begrip van de stof en helpen om informatie beter te onthouden. Maar er zijn meer voordelen. “Ik krijg snel een beeld van het kennisniveau van de cursisten; waar zitten de lacunes en waar weten ze al veel over? Zo kan ik mijn verhaal goed laten aansluiten op het kennisniveau van de groep die ik voor me heb en voorkom ik dat ik dingen uitleg die ze al weten.”
Een lossere werkvorm zorgt voor een ontspannen manier om de stof tot je te nemen en te bespreken. Vragen komen dan ook vanzelf naar boven. Dat geeft voor iedereen meer informatie. “Op deze manier realiseren de cursisten zich ook wat ze niet weten en dat is al een belangrijke eerste stap.” De belangrijkste punten geeft Jolanda aan het einde vaak nog op een A4-tje, maar het echte leer- en verwerkingsproces heeft tijdens het spel al plaatsgevonden.
Spel als werkvorm
Jolanda werkt met verschillende spelvormen, altijd afgestemd op de leerdoelen: wat willen we dat men aan het einde geleerd heeft? Zo maakt ze bijvoorbeeld gebruik van het zogeheten barrièrespel: een soort van mens-erger-je-niet waarbij er in teams wordt gespeeld. Je moet de barrières wegspelen om verder te kunnen en daarvoor moet je een stelling of vraag beantwoorden. Binnen het team kun je overleggen. Jolanda: “Dat levert vaak waardevolle discussies op en stimuleert het denken over de inhoud. De thema’s stem ik af op de doelgroep – van biologische agentia voor hoveniers tot geluidsbelasting in fabrieken.”
Voor het leren van veiligheidssymbolen op scholen werkte Jolanda met een woordenboek-methode. Het ene team bedacht drie ‘woordenboekdefinities’ bij een veiligheidssymboolbord en het andere team moest raden welke de juiste is. De discussie versterkt de leereffecten. Een andere vorm is het puzzelspel, dit zorgt de discussie voor inzicht. Puzzelstukken moeten worden vrijgespeeld door stellingen goed te beantwoorden. Het puzzelspel wordt goed opgepakt op allerlei niveaus, tot aan artsen aan toe.
De realiteit onder ogen
Een veel uitgebreidere vorm is het postenspel, dat onder andere is ingezet om retailers te leren over arbobeleid. Jolanda: “De groep had hier al les over gehad, maar daar was weinig van blijven hangen. Het postenspel is een vorm van ervaringsleren: in ieder winkeltje was er een andere opdracht: iemand met hoge werkdruk, gevaarlijke stoffen bij een wasserette, zwaar tillen bij een verhuisbedrijf… Overal was er een opdracht en er was ook een prijs.”
Ook aan de slag met interactieve werkvormen?
Neem dan contact met ons op. Naast spellen zijn er nog meer interactieve werkvormen die tot goede resultaten leiden.
Op de website van de Nederlandse Vereniging voor Arbeidshygiëne zijn twee puzzelspellen beschikbaar: de spelbox geluid en de spelbox gevaarlijke stoffen zijn daar gratis te downloaden.
- Details
De metaalwalserij had een duidelijke ambitie: de fysieke belasting op de werkvloer verminderen én medewerkers actief betrekken bij dit proces. Die aanpak wierp zijn vruchten af, vertelt het hoofd HSE tevreden: “Sinds de verdiepende RI&E dragen onze medewerkers in de walserij actief bij, ook op andere vlakken, zoals bij incidentanalyses.”
Veiligheidskundige en arbeidshygiënist Iels den Dekker van PreventPartner begeleidde het traject samen met zijn collega Marcel Balm, specialist in gedrag. Hun doel: een activerende RI&E, waarin medewerkers niet alleen worden geraadpleegd, maar ook zelf aan de slag gaan.
Stappen verdiepende RI&E
Na het inventariseren van de werkzaamheden waar fysieke belasting een risico vormde, werd in overleg met de medewerkers gekozen om de checklist fysieke belasting van TNO te gebruiken. De medewerkers hebben die zelf ingevuld. Op de werkvloer gingen de medewerkers zelf aan de slag met de zogeheten functie-taak-handelingen-analyse, waarbij op detailniveau wordt gekeken hoe zwaar de werkzaamheden zijn. Daarbij werd bijvoorbeeld precies vastgelegd hoe vaak handelingen voorkomen, hoe zwaar wordt getild en welke afstanden worden overbrugd. Tijdens de drie-ploegendiensten werden filmpjes en foto’s gemaakt die als onderdeel van de inventarisatie zijn gebruikt.
Iels heeft vervolgens de verdiepende slag gemaakt en de resultaten geanalyseerd, waaruit een duidelijk overzicht per handeling volgde:
groen = geen probleem
oranje = aandacht
rood = duidelijk risico
Bij oranje en rode taken gaf Iels verbetermogelijkheden aan, zoals het verminderen van gewicht, of de werkhoogte of afstanden aanpassen aan de werknemer. Aanvullend zijn voorstellen gedaan voor gebruik van mogelijke hulpmiddelen.
Gedragen maatregelen
De medewerkers kwamen vervolgens zelf met verbetervoorstellen. Iels: “Medewerkers op de werkvloer kunnen zelf het beste bedenken welke oplossingen goed in te passen zijn in de werkzaamheden. Door hun ideeën serieus te nemen, worden ze gemotiveerd én actiever betrokken.” Dat leverde praktische verbeteringen op: afstandsbedieningen werden hoger geplaatst, luchttollen namen zwaar schroefwerk over en verrijdbare plateaus verminderden het sjouwen. Alle maatregelen zijn in een plan van aanpak verzameld, waarin ook de termijnen voor implementatie en de verantwoordelijken zijn benoemd. De risicobeoordelingen van in totaal 14 zware taken, inclusief het plan van aanpak, zijn getoetst voor de scope fysieke belasting. De oplossingen, ondersteund met beelden uit de praktijk, zijn bovendien opgenomen in het interne opleidingsmateriaal voor nieuwe medewerkers.
ISO 45001 – medewerkersparticipatie
Medewerkersparticipatie is een belangrijke eis binnen de ISO 45001-norm. De activerende RI&E is een concreet voorbeeld van hoe organisaties hieraan kunnen voldoen en tegelijk invulling geven aan de verplichte RI&E volgens de Arbowet. Marcel: “Als medewerkers actief meedenken, begrijpen ze veel beter waarom bepaalde aanpassingen of werkwijzen worden doorgevoerd. Dat zie je uiteindelijk ook terug in het gedrag én in de veiligheidscultuur.”
Ook aan de slag met een activerende RI&E?
PreventPartner helpt organisaties om medewerkers op een praktische manier te betrekken bij veiligheid en gezondheid op het werk. Neem contact met ons op.